Overslaan en naar de inhoud gaan

FAQ Good Move

FAQ Good Move
© Gewestelijk Mobiliteitsplan Good Move

Veelgestelde vragen (FAQ) rond het mobiliteitsplan Good Move.

FAQ Good Move in het algemeen

Good Move is het Gewestelijk Mobiliteitsplan voor het Brussels Hoofdstedelijk Gewest, dat in 2020 door de Brusselse regering werd goedgekeurd. 

Het doel van dit plan is de leefomgeving van de Brusselaars te verbeteren en tegelijkertijd de demografische en economische ontwikkeling van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest te begeleiden. Het plan kiest resoluut voor een aangename en veilige stad, bestaande uit rustige wijken verbonden door intermodale structurerende verkeersassen en richt zich op een doeltreffend openbaar vervoer en vlotter verkeer. 

De maatregelen van het plan zijn bedoeld om aan iedere gebruiker aangepaste en geïntegreerde oplossingen aan te reiken. Zodat zij voor elk van hun verplaatsingen voor de meest geschikte vervoerwijze kunnen kiezen, in functie van de bestemming en van hun noden.

Enkele concrete ambities van Good Move zijn:

  • De verplaatsingsvraag beïnvloeden door de stad dicht en gemengd te ontwikkelen
  • Het verminderen van de behoefte aan een eigen wagen door aantrekkelijke alternatieven aan te bieden
  • Het parkeerbeleid als hefboom gebruiken door het parkeren buiten de openbare weg de voorkeur te geven
  • Garanderen van doeltreffende vervoersnetwerken en het toegankelijker maken van de verschillende mobiliteitsdiensten
  • Initiatieven inzake stedelijke distributie ondersteunen

Meer informatie over Good Move en hoe alle actoren (bewoners, gemeenten, verenigingen, socio-economische partners,...) betrokken werden bij de realisatie van het Gewestelijk Mobiliteitsplan:

Met Good Move Vijfhoek vertaalt de Stad Brussel de Good Move-doelstellingen naar concrete acties op lokaal niveau.

Eén van de Good Move-maatregelen is het aanpassen van de circulatieschema's in een gemeente. Zo worden moto's, auto's en vrachtwagens in de verschillende woonwijken beperkt tot het zogenaamd 'bestemmingsverkeer', verkeer dat vertrekt uit of aankomt in de woonwijk. Het gemotoriseerde verkeer dat niet uit die wijken komt of er moet zijn - ook wel doorgaand verkeer of transitverkeer genoemd - zal zoveel mogelijk om de wijken heen geleid worden via verkeersassen die daarvoor beter geschikt zijn.

Good Move is echter veel meer dan dat. Het Gewestelijk Mobiliteitsplan wil een 'modal shift' organiseren. Met verschillende maatregelen willen we gebruikers laten kiezen om zich met alternatieven voor de wagen te verplaatsen. Naast de circulatiemaatregelen maken we ook werk van het uitbreiden van het aantal deelwagens, meer openbaar vervoer, denk aan de extra capaciteit op metrolijn 6, een nieuwe tramlijn die het centrum met Neder-Over-Heembeek verbindt en de nieuwe buslijnen 46, 53, 88 en het verbeteren van de verkeersveiligheid via de heraanleg van de publieke ruimte en via controles.

Zo zorgen we voor vlot bereikbare woonwijken en stadscentra, waar het nog aangenamer leven en vertoeven is, met schone lucht en veilige straten voor iedereen.

Kaart No Move - Good Move

Een circulatieschema bepaalt in eerste instantie de rijrichtingen voor het gemotoriseerd verkeer in een bepaalde wijk. Daarnaast bepaalt het ook welke vervoersmodi toegang hebben tot een bepaalde straat. Wie via welke richting in een straat mag rijden wordt zo vastgelegd in een circulatieschema.

Het volledige grondgebied van de Stad Brussel heeft een circulatieschema. Vaak wordt de circulatie van een straat punctueel aangepast. Dat heet dan een circulatiemaatregel. Daarbij kan de rijrichting wijzigen van de straat of welk soort verkeer in de straat mag. Dat laatste heet het organiseren van een 'verkeersfilter'. Een verkeersfilter laat, met uitzondering van de hulpdiensten, normaal altijd voetgangers en fietsers door en in sommige gevallen ook openbaar vervoer en taxi's. Een verkeersfilter kan bestaan uit een inzinkbaar paaltje, een bloembak of een camera, zoals op de Elsensesteenweg.

Een circulatieschema omvat, in het kader van Good Move, altijd een volledige coherente mobiliteitswijk, een zogenaamde 'maas'. Dat is belangrijk om te vermijden dat er niet gewilde verplaatsingen zijn van de gemotoriseerde verkeersstromen naar de omliggende straten. Zo is de Brusselse Vijfhoek een voorbeeld van een maas.

Een Good Move circulatieschema laat al het bestemmingsverkeer in een bepaalde wijk - een zogenaamde 'maas' - toe. Wie woont, werkt, naar de cinema gaat of komt winkelen in de Vijfhoek wordt vlot op zijn bestemming gebracht of de dichtstbijzijnde publieke parking. Het kan zijn dat je route wat wijzigt en dat is altijd wat wennen, maar je bestemming bereik je sowieso. Doorgaand gemotoriseerd verkeer wordt niet langer doorheen, maar zoveel mogelijk langs de structurerende verkeersassen van de maas geleid. Die verkeersassen zijn de grenzen van de maas. De wijken binnen de maas worden ook veiliger, met schonere lucht en minder lawaaihinder.

De verplaatsingen te voet of met de fiets worden vlotter en veiliger. Dat zorgt er op haar beurt voor dat meer mensen kiezen om zich op een actieve manier (te voet, met de fiets of het openbaar vervoer) te verplaatsen in plaats van met de auto. Mobiliteitsexperten noemen dat het 'verdampingseffect' . Daarmee verklaart men waarom autostromen zich niet zomaar verplaatsen, vaak gewoon verdwijnen en dus veranderen naar alternatieven, zoals te voet, de fiets of het openbaar vervoer.

Bovendien komt er hier en daar ook ruimte vrij, bijvoorbeeld als een tweerichtingstraat een éénrichtingstraat wordt. Die ruimte kan op termijn anders ingevuld worden, met meer groen, meer zitbanken, meer speelmogelijkheden, terrassen en veel meer. Ruimte die vrijkomt om de stad nog aantrekkelijker te maken voor haar bewoners en bezoekers.

Steden als Montpellier, Rennes, Wenen, Kopenhagen, Gent en Barcelona hebben al bewezen dat circulatieschema's het leven in de stad enorm verbeteren. Zo lanceerde Parijs vorig jaar een plan om het doorgaand verkeer te bannen uit haar centrum. De Stad Brussel kan zich zo beroepen op heel wat geslaagde projecten binnen Europa. Brussel wil zich via dit nieuwe circulatieschema mee op de kaart zetten als een aantrekkelijke en bruisende stad met gezonde lucht en veilige straten. Ze bouwt zo ook verder aan het succesverhaal dat de voetgangerszone geworden is.

Inderdaad. De verschillende circulatiemaatregelen hebben tot doel het aantal doorrijdende auto's te verminderen, ten voordele van verplaatsingen te voet, met de fiets en het openbaar vervoer. Je geraakt overal: te voet, met de fiets of per step, met het openbaar vervoer of met de auto. Wie niet in de wijk moet zijn, maar een langer traject volgt, zal langs de randen van de wijk geleid worden. Op de verkeersassen die daar beter geschikt voor zijn, in het geval van Brussel praktisch de Kleine Ring.

Ja. Het circulatieschema organiseert voornamelijk het autoverkeer. De verschillende ingrepen zorgen er voor dat het voor wie met de auto rijdt en niet in een bepaalde wijk zijn bestemming heeft, het niet interessant is om door de wijk te rijden, maar langs de verkeersassen die daar beter voor geschikt zijn. In de Vijfhoek is dat de Kleine Ring. Wie wel met de auto zijn bestemming in de Vijfhoek heeft, wordt eerst via de Kleine Ring en dan via de meest aangewezen invalsweg naar zijn bestemming geleid.

Punctueel kunnen er nieuwe voetgangerszones gecreëerd worden of zones met een beperkte toegang. In een voetgangerszone kan je bijvoorbeeld enkel leveren tussen 4u en 11u of indien je er beschikt over een garage.

Verkeer dat niet in een bepaalde wijk moet zijn, maar vaak in de wijk rijdt om sneller van de ene naar de andere plek te gaan. In het geval van gemotoriseerd verkeer, leidt dat tot overlast in woonwijken: veel passage, onveiligheid, geluidsoverlast en minder ruimte voor de buurtbewoners zelf.

Door doorgaand verkeer waar mogelijk te ontmoedigen, maken we de straten veiliger, de straten worden aangenamer voor bezoekers en ook wie er zijn bestemming heeft, geraakt er vlotter. Het levert ook vele gezondheidsvoordelen op: minder vervuiling en meer beweging.

Doorgaand verkeer dat geweerd wordt uit de woonwijken, gaat niet allemaal naar de grotere verkeersassen aan de rand van de wijk, de maas. Doorgaand verkeer 'verandert' in verschillende andere verplaatsingen: sommige mensen zullen afzien van de auto en een ander vervoersmiddel kiezen en zich te voet, met de fiets of het openbaar vervoer verplaatsen. In beide gevallen betekent dat een vermindering van het aantal verplaatsingen per auto. Specialisten spreken in dat geval van 'verdamping': door de verkeerssituatie te wijzigen, veranderen mensen hun gedrag. Daarbovenop is het belangrijk te onderstrepen dat er heel wat bijkomende maatregelen genomen worden om net die alternatieven aan te moedigen.

Natuurlijk zijn er ook mensen die hun traject inderdaad verderzetten langs de grotere wegen, die de woonwijken van elkaar scheiden. Een deel van het doorgaand verkeer verplaatst zich dus naar daar. Als het circulatieschema goed is ontworpen, zal het verkeer daar toch nog even vlot of zelfs vlotter dan voorheen verlopen. Er zijn namelijk minder automobilisten die moeten afdraaien van de grote weg. Minder manoeuvres zorgen voor vlotter verkeer. In Gent heeft het circulatieschema bijvoorbeeld niet voor langer aanschuiven gezorgd op de randen van de autoluwe wijken. De Ring (R40) zag wel een kleine toename, maar het verkeer ging even vlot doordat nu minder manoeuvres mogelijk zijn.

Zo kan je hieronder de prognoses uit het Good Move-plan lezen: links de evolutie van het autoverkeer zonder circulatieschema's, rechts de evolutie met circulatieschema's.

Evolutie afgelegde kilometers

Het Gewestelijk Mobiliteitsplan Good Move heeft het volledige gewest opgedeeld in mobiliteitswijken, zogenaamde mazen. In totaal zijn dat er 63. De grenzen van die mazen worden bepaald door de structurerende verkeersassen. Dat zijn assen met een grotere capaciteit om al het verkeer te geleiden naar zijn/haar bestemming. Via die assen geraak je in Brussel op je bestemming en rij je ook uit Brussel weg. Die structurerende verkeersassen vangen ook het doorgaand verkeer op dat zoveel mogelijk uit de wijken - mazen - wordt gehouden. Het Gewestelijke Mobiliteitsplan Good Move heeft als doel om gefaseerd voor elk van die mobiliteitswijken of mazen een nieuw circulatieschema op te stellen.

Meer info over de uitvoering van het Gewestelijk Mobiliteitsplan Good Move:

Meer info over de invoering van de circulatieschema's in de mobiliteitswijken of mazen:

FAQ Stad Brussel en Good Move

Good Move is het Gewestelijke Mobiliteitsplan. Het gaat om een totaalvisie waarbij we de mobiliteitsvragen beperken door slim te bouwen, alternatieven voor de personenwagen aan te bieden, zoals autodelen en het openbaar vervoer, door het parkeerbeleid als hefboom te gebruiken. Daarbij zijn dus zowel de verschillende gewestelijke instanties, zoals Urban, Brussel Mobiliteit, de MIVB als het Parkeeragentschap betrokken, maar daarnaast is er een belangrijke rol weggelegd voor de gemeenten om werk te maken van de autoluwe mobiliteitswijken of mazen.

De Stad Brussel heeft de afgelopen jaren heel wat acties uitgevoerd om de alternatieven voor de wagen verder uit te werken:

  • Heraanleg publieke ruimte: Sint-Goriksstraat, Philips de Champagne, Antwerpsepoort
  • Verbetering fietsinfrastructuur: Wetstraat, Kantersteen, Jacqmain….
  • Fietsparkeren: honderden fietsbogen, 50 fietsboxen en fietsparkings aan Beurs en De Brouckère
  • Openbaar vervoer: uitvoering busplan met herintrede van bus 46
  • Invoering van een nieuw parkeerplan met een grijze zone in de Vijfhoek
  • Verbetering van de signalisatie van de publieke parkings
  • Signalisatie van de handelswijken
  • Autodeelplaatsen uitgebreid van 62 deelauto's in 2018 naar 95 deelauto's eind 2021

Daarnaast werden er verschillende beslissingen genomen die de komende jaren zullen worden uitgevoerd die het centrum van onze stad nog bereikbaarder zullen maken:

  • Tram naar Neder-Over-Heembeek
  • Metro Noord-Bordet
  • Heraanleg Adolphe Maxlaan en Brucity

Deze verschillende acties zijn cruciaal voor het behalen van de doelstellingen van Good Move en het doen slagen van de invoering van de circulatieschema's in de verschillende mobiliteitswijken of mazen. De opzet van de circulatieschema's is om het doorgaand verkeer zoveel mogelijk te begeleiden langs de structurerende verkeersassen rondom die mobiliteitswijken in plaats van er door. Dat zorgt er voor dat autoverkeer dat zijn bestemming heeft in de Vijfhoek vlot op zijn bestemming komt, en ook dat de alternatieven worden aangemoedigd zoals het wandelen, fietsen en het openbaar vervoer. Daarbovenop wordt de stad veiliger en creëren we heel wat nieuwe publieke ruimte om onze wijken aantrekkelijker te maken voor bewoners en bezoekers.

In totaal wordt het Brussels Gewest opgedeeld in zo'n 63 'mazen' of mobiliteitswijken. Daarvan liggen er 28 voor een deel op het grondgebied van de Stad Brussel. Het is niet mogelijk om die mazen allemaal tegelijkertijd aan te pakken. Daarom gaat de Stad gefaseerd tewerk. In volgende mazen is de Stad gestart met de opmaak of invoering van een nieuwcirculatieschema : de Vijfhoek, Haren, Ter Kamerenbos, Dielegem, De Vijvers van Elsene en Sint-Gillis.

De studie voor het circulatieschema in de maas Pannenhuis-Leopold wordt eind 2022 opgestart in samenwerking met het Gewest en de gemeente Jette.

Daarnaast wordt in het kader van het schoolstratenproject van de Stad Brussel ook gewerkt aan autoluwe schoolwijken. Concreet werd er een circulatieschema uitgewerkt voor de Tivoli- en de Triangelwijk.

De Vijfhoek-maas is de mobiliteitswijk die wordt omringd door de Kleine Ring of R0. Deze mobiliteitswijk of maas omvat het stadscentrum met onder meer de Kaaienwijk, de Marollen, de Sint-Jacobswijk, de Bloemenhofwijk, de Anneessenswijk, de Stalingradwijk, de wijk rond het Zavelplein, de Onze-Lieve-Vrouw ter Sneeuwwijk, de Broekwijk, de Alhambrawijk, Quartier des Arts, de Sint-Jacobswijk, de Dansaertwijk, etc.

Circulatieschema Vijfhoek

De Stad Brussel begint met de Vijfhoek omdat het een logische volgende stap is na het succesverhaal dat de nieuwe voetgangerszone geworden is. Daarbij maakt de Stad Brussel de wijken rondom de voetgangerszone autoluw. Het doorgaand verkeer zal er op termijn, dankzij de verschillende mobiliteitsingrepen, plaatsmaken voor nieuwe kwalitatieve publieke ruimte. Door de leefomgeving aangenamer, veiliger, gezonder te maken zet Brussel zich nog meer op de kaart als de stad om te komen winkelen, werken, wonen en er te komen genieten van haar cultureel en culinair aanbod.

Met het nieuwe circulatieschema gaat Brussel mee in de trend van heel wat andere steden in eigen land en daarbuiten, zoals Parijs, Gent, Kopenhagen en Montpellier. Steden die zich bij shoppers, citytrippers, werkgevers, werknemers en bewoners onderscheiden door te investeren in een aantrekkelijke, groene en kwalitatieve openbare ruimte.