Overslaan en naar de inhoud gaan

Kunstwerk Daniel Dewar en Grégory Gicquel

Kunstwerk Daniel Dewar en Grégory Gicquel
© Eric Danhier

Het kunstwerk De blokfluit, de kraan, de werkschoen, de mobiele telefoon, het potlood, het parelsnoer, de derailleur, de peer, de computermuis, het klosje draad, de snede kramiek, de rekenmachine en de tennisbal van kunstenaars Daniel Dewar en Grégory Gicquel is te zien in het Administratief Centrum Brucity van de Stad Brussel (Hallenstraat 4 - 1000 Brussel).

'De blokfluit, de kraan, de werkschoen, de mobiele telefoon, het potlood, het parelsnoer, de derailleur, de peer, de computermuis, het klosje draad, de snede kramiek, de rekenmachine en de tennisbal.'
Marqueterie van marmer, graniet en travertin 2022
Daniel Dewar & Grégory Gicquel
Daniel Dewar 1976, Forest of Dean, Verenigd Koninkrijk. Grégory Gicquel 1975, Saint-Brieuc, Frankrijk.
Wonen en werken in Brussel.

De vier grote rechthoekige werken bestaan uit een achtergrond in wit marmer en ingelegde figuren van natuurlijk marmer, graniet en travertin. Deze monumentale werken stellen universele, alledaagse voorwerpen voor, getuigen van onze tijd.

Deze 'woordbeelden', die iedereen kan lezen, vormen zinnen die men vrij kan interpreteren. In deze administratieve setting, waar de officiële communicatie in de erkende landstalen verloopt, komen ook andere talen en dialecten voor. Door het werk wordt het mogelijk om te spreken met visuele woorden, die door iedereen worden begrepen, ongeacht de herkomst van de gesprekspartner.

De afgebeelde voorwerpen vormen een soort van tijdscapsule, die iets zegt over het leven in de stad in de 21ste eeuw. Ze herinneren ons eraan dat andere alledaagse voorwerpen van de inwoners van de stad van de 10de tot de 20ste eeuw - munten, keramiek, kammen of borstels - op deze locatie van het administratief centrum werden gevonden. Zo wordt er een brug geslagen tussen de oude en de hedendaagse stad.

Met dit werk werpt het kunstenaarsduo ook de volgende vraag op: welke voorwerpen zouden over vijfhonderd of duizend jaar bij een archeologische opgraving gevonden kunnen worden en zou men herkennen, ongeacht hoeveel tijd er verstreken is?

Daniel Dewar en Grégory Gicquel maken sinds 1998 samen sculpturen. Vanuit een voortdurende toewijding voor materiaal en werkwijze creëren ze hun iconoclastische werk. In hun ambigue artistieke praktijk gebruiken ze een breed spectrum van traditionele media, gaande van keramiek en houtsnijwerk tot steenbewerking.

Hun aandacht voor de herkomst en de aard van materialen in relatie tot een onderwerp of een model, en de hantering van technieken en gereedschap, zowel van vroeger als ultramodern, geven de kunstenaars een absoluut uniek sculpturaal potentieel. Het onderwerp is soms intiem, vaak huiselijk, altijd universeel.

'De blokfluit, de kraan, de werkschoen, de mobiele telefoon, het potlood, het parelsnoer, de derailleur, de peer, de computermuis, het klosje draad, de snede kramiek, de rekenmachine en de tennisbal.'
© Eric Danhier

'De blokfluit, de kraan, de werkschoen, de mobiele telefoon, het potlood, het parelsnoer, de derailleur, de peer, de computermuis, het klosje draad, de snede kramiek, de rekenmachine en de tennisbal.'
© Eric Danhier

'De blokfluit, de kraan, de werkschoen, de mobiele telefoon, het potlood, het parelsnoer, de derailleur, de peer, de computermuis, het klosje draad, de snede kramiek, de rekenmachine en de tennisbal.'
© Eric Danhier