In 2028 kan een warmte- en koudenet een eerste groep gebouwen in de Noordwijk bevoorraden dankzij natuurlijke ondergrondse warmte op 150 m diepte. Maar kan de ondergrond het Maximiliaanpark omvormen tot een echte 'centrale' voor de productie en opslag van warmte en koude? Spoiler: heel waarschijnlijk wel!
In de positieve energiewijk (PED) in het hart van de Noordwijk verandert een proefproject de manier waarop gebouwen worden verwarmd en gekoeld: Be.SHARE. Het is een toekomstig koolstofarm warmte- en koudenet, ontworpen op schaal van de wijk, om het gebruik van fossiele brandstoffen drastisch te verminderen en de stad voor te bereiden op koolstofneutraliteit.
In december 2025 wordt een nieuwe stap gezet: thermische responstesten. Die moeten het mogelijk maken om het geothermisch veld onder het Maximiliaanpark correct te dimensioneren (een terrein van de Stad Brussel dat voor het project ter beschikking wordt gesteld). Deze studies zijn essentieel om van het park zowel een plek van ontspanning als een 'onzichtbare centrale' voor verwarming en koeling van gebouwen in de wijk en de energietransitie te maken.
Het net zal in grote mate steunen op de warmte en koelte die van nature in de bodem is opgeslagen, op een diepte van ongeveer honderd meter. Deze enorme warmtebatterij wordt gebruikt om woningen en kantoren in de winter te verwarmen en in de zomer te koelen.
Voordat tientallen geothermische putten worden geboord, is het essentieel de ondergrond van het Maximiliaanpark beter te leren kennen:
- Hoe groot is de capaciteit om warmte en koude op te slaan?
- Hoe snel verspreidt de warmte zich in deze geologische lagen?
- Hoe groot moet het geothermische veld zijn om het net op lange termijn te kunnen voeden?
Thermische responstesten leveren de nodige gegevens om deze vragen te beantwoorden en te voorkomen dat de installaties te groot of te klein worden gemaakt.
Een thermische responstest (of TRT) bestaat uit:
- Het boren van een proefput tot de beoogde diepte (ongeveer 150 m, of meer)
- Het plaatsen van een geothermische sonde in die put (een leiding waarin water circuleert)
- Gedurende meerdere dagen een hoeveelheid warmte in deze sonde injecteren
- Continu de temperatuur meten van het water dat door de sonde stroomt en er weer uitkomt
Door te observeren hoe de temperatuur dag en nacht evolueert, kunnen ingenieurs de kwaliteit van de reactie van de bodem op verschillende dieptes afleiden, met name:
- de thermische geleidbaarheid van de bodem (de mate waarin hij warmte transporteert)
- de warmtecapaciteit (de hoeveelheid warmte die hij kan opslaan)
- het geothermische vermogen dat je redelijkerwijs uit elke boring kan halen
Deze gegevens worden nadien gebruikt om het toekomstige geothermische veld onder het park te ontwerpen: aantal sondes, afstand tussen de sondes, diepte, methode van uitbating,...
In december 2025 wordt een boorinstallatie ingezet in een nauwkeurig afgebakende zone van het Maximiliaanpark. Deze is bepaald in overleg met de Stad Brussel om de impact op het gebruik van het park tot een minimum te beperken.
De proefboring duurt enkele dagen, waarna een geothermische sonde wordt geplaatst. Er komt tijdelijk een testunit (een kleine container of een technische aanhangwagen) in de buurt om het water te laten circuleren en de temperatuur te registreren.
De test duurt meerdere dagen en loopt tot half januari, 24 uur per dag, om nauwkeurige gegevens te krijgen. De voetpaden blijven zoveel mogelijk toegankelijk.

Thermische responstesten zijn korte, strikt omkaderde ingrepen. De luidste fase is die van het boren zelf. Deze duurt enkele dagen en vindt alleen overdag plaats. Zodra de sonde is geplaatst, werkt de testeenheid bijna geruisloos (pompen en meetinstrumenten).
De installaties zijn volledig afgesloten: er worden geen vervuilende vloeistoffen in de bodem geïnjecteerd. Alleen water circuleert in een gesloten circuit.
De boringen voldoen aan de Brusselse regelgeving rond grondwater en milieubescherming. De parameters worden zorgvuldig geanalyseerd voor een toekomstige uitbating die veilig, duurzaam en verenigbaar is met de andere functies van het park.
Deze tests markeren het begin van de transformatie van het Maximiliaanpark tot een energie-infrastructuur voor de wijk. Onder de voeten van de gebruikers maakt een geothermisch reservoir het mogelijk om seizoensgebonden warmte en koude voor het net te produceren en op te slaan. Aan de oppervlakte blijft het park een toegankelijke groene ruimte, die nog wordt versterkt in het kader van de heraanleg.
De Stad Brussel speelt hierbij een sleutelrol: door haar gronden ter beschikking te stellen en de werven af te stemmen op de heraanleg van het park, toont ze hoe een openbare ruimte tegelijk een leefruimte en een drager voor de energietransitie kan zijn.
Zodra de thermische responstesten zijn afgerond, worden de resultaten ervan gebruikt voor het ontwerp van het net en de geothermische centrale. De testen van december 2025 zijn dus een scharniermoment: ze maken de overgang mogelijk van een concept van een koolstofarm warmte- en koudenet naar een concreet project, aangepast aan de werkelijke ondergrond van het Maximiliaanpark en aan de energiebehoeften van de Noordwijk.
De volgende stap, in 2026, is de plaatsing van de eerste reeks geothermische sondes die samen de centrale vormen.











